Over Henry Honné
Henry Honné. Gepassioneerd fysiotherapeut en specialist neurorevalidatie. Wie Henry Honné over zijn vak hoort praten wordt onmiddellijk meegesleept door zijn gedrevenheid en enthousiasme.
In 2011 slaagde Henry cum laude voor de Masteropleiding Neurorevalidatie en Innovatie. Met deze specialisatie begeleidt hij patiënten met niet aangeboren hersenletsel, waarbij hij uitgaat van zijn eigen bijzondere visie op zorgverlening.
Samenwerking
‘Samenwerking is het sleutelwoord in alle facetten van de zorgverlening,’ vertelt Henry. ‘De zorg is enorm versnipperd. Veel te vaak zie je dat zorgverleners bij de behandeling van een patiënt alleen aandacht hebben voor dat deel van een probleem of letsel dat te maken heeft met hun eigen specialiteit. Dat betekent dat een patiënt met een complex geheel aan fysieke of neurologische problemen met een heleboel verschillende zorgverleners te maken heeft, die meestal ook nog eens op diverse locaties werkzaam zijn. Het ligt voor de hand dat dit bepaald geen situatie is die de onderlinge samenwerking bevordert, terwijl ik ervan overtuigd ben dat een goede samenwerking tussen zorgverleners de kwaliteit van de zorg naar een hoger niveau tilt. Om precies die reden hebben we destijds ons gezondheidscentrum geopend. Binnen Gezondheidscentrum Honné vind je meerdere specialisaties onder één dak. Handig voor de patiënt én voor de zorgverleners, die op die manier heel gemakkelijk bij elkaar kunnen binnenlopen om advies te vragen of met elkaar te overleggen.’
Visie op neurorevalidatie, de patiënt is de baas!
‘Ondanks alle kennis die we tegenwoordig hebben is het menselijk brein in de medische wereld nog steeds een complex en ondoorgrondelijk iets, maar daardoor ook machtig interessant,’ zegt Henry. ‘Proberen te doorgronden hoe onze hersenen functioneren is een enorme drijfveer voor mij, en dan met name de integratie hiervan in mijn dagelijkse werk. Hoe beter we de werking van ons brein begrijpen, hoe beter we in staat zijn om patiënten met niet aangeboren hersenletsel te helpen revalideren. Daarbij ben ik ervan overtuigd dat revalidatie niet alleen het beste kan plaatsvinden in een voor de patiënt vertrouwde omgeving, maar dat het ook essentieel is dat de deze wordt afgestemd op de wensen en behoeften van de patiënt. In een revalidatiecentrum is voor patiënten met overeenkomstig letsel ook het behandeltraject in grote lijnen gelijk, maar dat is totaal niet logisch. Een patiënt die voor zijn of haar letsel elke dag wandelde heeft er veel baat bij zo snel mogelijk weer op de been te zijn, terwijl iemand die graag kruiswoordpuzzels oplost waarschijnlijk veel liever weer wil kunnen schrijven. Beide patiënten hebben misschien wel hetzelfde letsel, maar tegelijkertijd behoefte aan een heel ander revalidatietraject om levenskwaliteit terug te winnen. Bovendien moet je je bij het opstellen van een behandelplan afvragen wat een patiënt nodig heeft om weer te kunnen functioneren in het dagelijkse bestaan. Dat kan voor iemand die vijfhoog in een appartement met lift in het centrum van een stad met veel voorzieningen woont heel iets anders zijn dan voor iemand die in een opgeknapt boerderijtje woont aan de rand van een dorp waar niet eens een supermarkt is. Moet iemand in staat zijn om naar de bakker om de hoek te wandelen, of om een auto te besturen zodat ie naar de supermarkt kan rijden? Dat zijn de vragen die je jezelf als therapeut moet stellen en daar moet je je behandelplan op afstemmen. Want de patiënt is altijd de baas. Het gaat er bij revalidatie niet om dat iemand zo snel mogelijk de honderd meter weer kan rennen, waar het om gaat is dat iemand leert weer in zijn eigen omgeving te functioneren en dankzij het herwinnen van zijn lichamelijke functies tegelijkertijd een stuk levensvreugde herovert. Door die wandeling te maken of die kruiswoordpuzzel in te vullen.’
Therapie en nét dat beetje extra
‘Waar het bij het bieden van de juiste zorg om gaat,’ besluit Henry, ‘is het loslaten van standaard behandelmethoden en in plaats daarvan te kiezen voor maatwerk. Stem het aanbod van zorg af op de zorgvraag van de patiënt. Maak daarbij als behandelaars gebruik van elkaars kwaliteiten door samen te werken. Dat werkt efficiënter en vaak zelfs kostenbesparend. En biedt de patiënt de juiste zorg en nét dat beetje extra.’